
De dertienwekenecho wordt vanaf 1 januari 2028 niet langer aangeboden aan zwangere vrouwen. Minister Sophie Hermans van Volksgezondheid volgt daarmee het advies van de Gezondheidsraad, die concludeerde dat de nadelen van deze vroege screening niet opwegen tegen de voordelen.
Sinds 2021 kunnen zwangere vrouwen rond de dertiende week van hun zwangerschap een echo laten maken om ernstige lichamelijke afwijkingen bij hun ongeboren kind vroegtijdig op te sporen. De screening werd tijdelijk ingevoerd als onderdeel van een wetenschappelijk onderzoek naar de betrouwbaarheid en meerwaarde ervan. Uit het onderzoek blijkt dat de dertienwekenecho regelmatig tot onterechte doorverwijzingen leidt. Zo bleek bij 60% van de zwangeren die naar het ziekenhuis werden verwezen uiteindelijk geen sprake van de vermoede afwijking. Tegelijkertijd werden bepaalde afwijkingen tijdens de screening niet ontdekt.
Geen aangepaste dertienwekenecho
De Gezondheidsraad adviseerde daarom om de echo niet structureel in te voeren. Hoewel de raad mogelijkheden ziet om de screening te verbeteren, kiest het kabinet ervoor om ook geen aangepast onderzoekstraject te starten. Minister Hermans wil voorkomen dat zwangeren opnieuw onnodige onzekerheid en ongerustheid ervaren door onterechte uitslagen. Het kabinet wil wel de volledige keten van prenatale screening opnieuw onderzoeken. Wanneer nieuwe wetenschappelijke inzichten daar aanleiding toe geven, kan de Gezondheidsraad opnieuw worden gevraagd om advies.
De twintigwekenecho, waarmee eveneens wordt gekeken naar lichamelijke afwijkingen bij het ongeboren kind, blijft gewoon beschikbaar.
Bron: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Spor /Gezondheidsraad • nu.nl – Beeld: iStock.com/Sinhyu
Meer laatste nieuwsberichten
